Onder druk breidt het leven uit
- Debbie Baute

- Mar 23
- 3 min read
Updated: Mar 23

Na de vulkaanuitbarsting
Een tijd geleden bezocht ik het Nationaal Park Timanfaya op Lanzarote.
Op het eerste gezicht voelt het als een plek waar het leven verdwenen is. Het landschap is droog en donker, vormgegeven door lava en stilte. Het is moeilijk voor te stellen dat hier ook maar iets kan groeien.
In de 18e eeuw bedekte een reeks vulkaanuitbarstingen een groot deel van het eiland. Hele dorpen werden verwoest en het land werd onbewoonbaar. Wat ooit leefde, veranderde in een kale, onvruchtbare vlakte.
Lange tijd leek er niets te bewegen.
En toch begon er na verloop van tijd iets te veranderen. Geen terugkeer naar wat er vroeger was, maar er ontstond iets nieuws.
De eerste tekenen van leven verschenen in alle stilte. Korstmossen begonnen te groeien op het vulkanische gesteente dat ze langzaam afbraken en omvormden tot de eerste laag bodem. Het was een traag proces, aanvankelijk bijna onzichtbaar, maar essentieel.
Na verloop van jaren volgden andere levensvormen. Mossen, kleine planten en later ook struiken. Elke vorm aangepast aan de nieuwe omstandigheden. Elk bijdragend aan een systeem dat complexer en veerkrachtiger werd.
Wat ontstond was geen herstel van het oude landschap. Er ontstond iets nieuws. Diverser. Beter afgestemd op de omgeving.
Timanfaya is geen verhaal van vernietiging gevolgd door herstel van het oude. Het is een verhaal van transformatie.
Wat dit ons toont over organisaties
In organisaties voelen momenten van disruptie vaak als verlies.
Een founder vertrekt. Een team valt uiteen. Een fusie ondermijnt de cultuur. Een structuur die ooit stabiliteit bood, houdt niet langer stand.
De natuurlijke reactie is om proberen te herstellen wat er was. Om snel opnieuw op te bouwen en het gevoel van controle terug te krijgen.
Maar daar ontstaat zelden echte groei.
Na disruptie hoeft een systeem niet terug te keren naar zijn vorige staat. Het heeft ruimte nodig om zich te herorganiseren. Ruimte voor nieuwe vormen om te ontstaan. Ruimte voor andere perspectieven en capaciteiten om zich te ontwikkelen.
Dit proces is niet efficiënt en laat zich niet versnellen. Maar het is wel slim en aangepast aan de nieuwe context.
De rol van de leider
Op zo'n momenten verandert de rol van de leider.
De vraag is niet langer hoe je dit oplost. De vraag wordt: wat is hier aan het ontstaan?
Dat vraagt een andere vorm van aanwezigheid. Minder focus op controle en meer aandacht voor wat er werkelijk gebeurt in het systeem. Minder drang om meteen te handelen en meer bereidheid om te observeren.
In de beginfase zijn nieuwe vormen vaak fragiel. Ze zijn nog niet uitgewerkt of volledig zichtbaar. Het is gemakkelijk om ze over het hoofd te zien of af te wijzen omdat ze niet passen binnen het oude model.
Maar juist deze eerste signalen zijn belangrijk.
Een leider die ze kan herkennen en ruimte geeft, verliest geen controle. Hij creëert de condities voor een meer volwassen systeem.
Niet door het verleden te herstellen, maar door de toekomst vorm te laten krijgen.
Conclusie
Natuurlijke systemen keren na disruptie niet haastig terug naar het vorige. Ze nemen de tijd om zich te herorganiseren. Ze worden diverser, adaptiever en vaak sterker dan voorheen.
Organisaties zijn niet anders.
Wat eruitziet als een breuk, kan het begin zijn van een meer intelligente vorm van orde.
Als we bereid zijn die te laten ontstaan.
Herken je dit in je organisatie en ben je aan het verkennen wat er wil ontstaan, voel je dan vrij om contact op te nemen.
FOTO: Timanfaya National Park Spain.info


